Pulau Pangkor: een vergeten eiland

“Schat, hoe schrijf je djettie in het Engels? Anders komen we er nooit.” Terwijl ik  ‘Lumut Djettie Terminal’ tevergeefs in Waze probeer te typen, rijdt manlief met een slordige 250 km/u richting het noorden. Hij hoort mij niet en ik hoop dat zijn richtingsgevoel Waze niet nodig heeft. Gelukkig maar dat de kinderen op dit vroege uur nog slapen achterin de auto. De zon komt net prachtig geel-rozig vanachter de bergen op.

Pang Ko

Pulau Pangkor. Een klein, min of meer vergeten eiland ten westen van de Maleisische peninsula in de Straat van Melaka. In het Thais betekent Pang Ko ‘mooi eiland’. Niet zo origineel, maar wel treffend. Met dank aan Thaise piraten, die in een ver verleden dit eiland deze naam gaven. Want Pangkor heeft prachtige witte stranden, veel oerwoud en heerlijke saté.

Kota Belanda

Van oudsher bood Pangkor een veilige haven voor vissers, kooplui en piraten. Ook de Nederlanders wilden hun aanwezigheid laten gelden en in de 17de eeuw bouwden zij Kota Belanda (dit betekent ‘Nederlandse Stad’) op het eiland, een fort ter versterking van hun handelsmissie. In 1874 werd hier het verdrag tussen de Britten en de prins van Perak getekend. Dit betekende het begin van de Britse kolonisatie van Maleisië. De ruïnes van het fort staan er nog steeds. Het fort is nu een beschermd nationaal historisch monument en kan gratis bezocht worden.

Kota Belanda

Kota Belanda

Van Kuala Lumpur naar Pulau Langkor

Als je vanuit KL naar het eiland wilt, let dan op het volgende: je kan er alleen komen via het veerbootje dat vanuit de haven van Lumut vertrekt. Lumut staat alleen niet erg goed aangegeven op de borden onderweg. Het gebruik van Waze is dus wederom van levensbelang. Eenmaal in Lumut aangekomen kun je de auto het beste parkeren in de grote parkeergarage rechts van de jetty. Dit kost 10 Ringgit (ongeveer €2) per dag. De kade vanwaar de veerboot vertrekt is vervolgens te voet binnen vijf minuten te bereiken.

De veerboot vertrekt elk half uur vanaf 7 uur ‘s ochtends (let wel: de laatste boot terug gaat om half negen ‘s avonds) naar Pangkor en doet ongeveer 20 minuten over de reis. Wel bij ‘Pangkor Main Jetty’ uitstappen, de tweede halte. Wat er bij de eerste halte te doen is weet ik niet, maar het zag er niet gezellig uit.

Accommodatie

Pulau Pangkor heeft vele lokale homestays en een paar luxueuzere hotels, waaronder Tiger Rock (prijzen starten vanaf 686 Ringgit of €140 per nacht) en Pangkor Laut Resort. Tiger Rock is een klein familie hotel, middenin het oerwoud op het zuidelijkste deel van het eiland. Het wordt gerund door opzichter Mohan en zijn vrouw Bavanni en hun dochter, die allebei in de keuken de scepter zwaaien. Met veel succes, want het eten is ongelooflijk lekker. Flinterdunne pannenkoekjes, allerlei soorten brood en cake, yoghurt en versgeperst sinaasappelsap voor ontbijt. Chicken Tikka, tempura groenten en nasi goreng voor lunch. Roti Chennai, fish Tikka en kip curry voor het avondeten. Honger lijden bij Tiger Rock? Dat kun je wel vergeten. Er is geen menu, je eet dus ‘wat de pot schaft’.

Het idyllische zwembad in het Tiger Rock hotel

Everzwijnen

“Echt waar, ik heb net een enorm everzwijn gezien.” Suffig kijk ik vanuit mijn lounge stoel mijn ega aan, die aan de rand van het zwembad van Tiger Rock wild zwaaiend met zijn armen de grootte van het zwijn probeert aan te geven.

“Het was zwart met grote slagtanden en het keek mij dreigend aan met kleine gemene rode oogjes en stond op het punt mij aan te vallen.” Tuurlijk. Ik ben wel wat broodje aap verhalen van hem gewend, glimlach even en keer weer terug naar spannender dingen, zoals mijn boek. Manlief loopt weg, om wellicht een meer geïnteresseerd publiek te vinden. Mokkig haalt hij uit naar een grote hornbill, een grote zwarte vogel met een gele snavel, die nietsvermoedend aan de rand van het zwembad zat. Die beesten zijn overigens beschermd. Maar goed dat hij ernaast sloeg.

Hornbill of neushoornvogel

Televisie op het strand

Aan de westkust van Pulau Pangkor ligt Pasir Bogak, een langgerekt strand met allerlei mogelijkheden voor waterplezier. Meneer Mohan kan hier zonder problemen een bootje regelen voor een halve dag snorkelen en zwemmen. Een unieke plek om te snorkelen is Pulau Giam dat net voor de kust van Pulau Pangkor ligt. Dit vanwege de enorme hoeveelheid prachtig gekleurde vissen die hier rondzwemmen. Er komt echter een grote hoeveelheid toeristen op af. De uitverkoop van de Dolle Dwaze Dagen bij de Bijenkorf is er niets bij. Ga daarom ’s ochtends vroeg, anders is het vechten geblazen om de beste snorkelplekjes.

Als je het snorkelfestijn hebt overleefd, is er nog een mogelijkheid tot relaxen op één van de hagelwitte strandjes die Pulau Pangkor rijk is. Bij aankomst op het strandje valt meteen de enorme hoeveelheid aan plastic op, zowel in de zee als op het strand. Dat is jammer, want het verstoort nogal het idyllische Facebook plaatje wat wij graag hadden willen zien en willen fotograferen.

Na een uitgebreide opruimactie waaraan het hele gezin deelneemt, ziet het strand en de zee er al stukken beter uit. Afgezien van de roestige tv die of is aangespoeld, of door iemand is achtergelaten en zich vreemd genoeg midden op het strand bevindt, is het strand nu schoon. Even poseren voor die selfie, en onze familie kan zich weer op Facebook presenteren.

Pulau Pangkor is een paradijselijk plaatje.

Ja, dat heb ik van horen zeggen hoor. Want als je niet weet hoe je djettie schrijft, dan kom je nooit op Pulau Pangkor aan…

Travelista, writoholic en Azië lover; dat zijn drie woorden die Merel het beste omschrijven. Merel vertrok uit Nederland na haar studie Internationaal Recht toen ze 27 jaar was. Op zoek naar avontuur en niets te verliezen. Een enkele reis Jakarta in 1997 leverde haar een baan op bij de Nederlandse Oorlogsgravenstichting. Uiteindelijk heeft Merel 10 jaar in Indonesië gewoond en heeft daar onder meer als lerares Engels bij de Nederlandse school gewerkt en haar eigen ESL bedrijf gehad. Daarna vertrok zij naar Sydney, Australië. Dit keer met een Australische man en een kind rijker. In Sydney begon zij met haar opleiding tot Transformational Coach.

Nu woont Merel alweer bijna vier jaar in Kuala Lumpur, Maleisië. “Om weer in Azië terug te zijn, is heerlijk. Ik heb het echt gemist. De ‘Asian vibe’… het houdt mij bezig!”

Heb je zelf ook interesse om een leuke gastblog te schrijven voor Zuidoost-Azië Magazine? Neem dan contact op via dit formulier.

Laatste Superdeals